04 | EVENEMENTEN

EVENEMENTEN
&
ECOLOGIE

Een (on)gelukkige combinatie?

Het evenementenseizoen is weer begonnen: parken en natuurterreienen zijn weer volop het decor van festivals, fairs, hardloopwedstrijden en andere evenementen. Er wordt steeds meer georganiseerd én het aanbod aan evenementen lijkt steeds diverser. Veel gemeenten ervaren een toegenomen druk op de buitenruimte. Daarbij hebben ze te maken met de Wet natuurbescherming die de nodige hoofdbrekens kost: hoe bepaal je als gemeente wat wel en niet binnen de wettelijke kaders past?
Dat het onderwerp erg leeft bewees de grote opkomst tijdens het minisymposium Evenementen & Ecologie, georganiseerd door Regelink Ecologie en Landschap. Een korte weergave van wat er op donderdag 9 mei zoal aan de orde kwam.

Bij evenementen in de buitenruimte heb je, net als bij iedere ingreep, te maken met (beschermde) flora en fauna en mogelijke invloed op Natura 2000-gebieden of stiltegebieden. Het festivalseizoen heeft een grote overlap met het broedseizoen – al worden beide steeds langer - met broedvogels moet dus vrijwel altijd rekening worden gehouden.

Hetzelfde geldt voor vleermuizen. Ook de bodem is belangrijk: veel mensen (en materieel) kan leiden tot verdichting van de bodem, vooral op de toegangswegen, hoofdpodia of andere plekken waar zich veel mensen verzamelen of waar veel materieel overheen moet.

Natuur moet altijd leidend zijn

De natuur is altijd leidend voor wat er op een bepaalde locatie kan, stelt Mark Schoots, evenementendeskundige en –organisator (www.markschoots.nl). Hij begeleidt overheden en locatiebeheerders bij alle mogelijke aspecten van envenmentenorganisatie - zoals hij het op zijn website omschrijft: van bestemmingsplan, vergunningverlening tot het opruimen van afval.

Ofwel: de natuurwaarden op een locatie hangen samen met de recreatieintensiteit in het gebied.

Een stadspark bijvoorbeeld heeft een hoge recreatieintensiteit en relatief lage natuurwaarde, terwijl dat voor een natuurgebied precies andersom is. Een recreatiegebied zit daartussenin. Maar al is de natuur uiteindelijk leidend, er wordt met beheer natuurlijk wel al voorgesorteerd op het beoogde gebruik. Zo wordt het beheer van een recreatieterrein, dat bestemd is voor evenementen, daar ook op afgestemd zodat die evenementen ook samen kunnen gaan met de aanwezige natuur.

Evenementenbeleid in Amsterdam

De gemeente Amsterdam heeft al veel ervaring opgedaan, met zijn 22 parken waar regelmatig evenementen zijn. Zo heeft de gemeente bepaalde criteria voor voldoende bodemrust, om de ondergrond de kans te geven om te herstellen na een evenement. Ook zij voeren een integraal beheer. Van ieder terrein wordt op voorhand al een locatieprofiel gemaakt waarin de kaders worden geschetst van wat er op welke plekken wel en niet kan én waar het beheer op wordt aangepast.

In de toekomst wil Amsterdam nulmetingen uitvoeren in de parken voor vleermuizen, broedvogels en wilde bijen, én voor de bodem.

Daarbij wordt iedere organisator ook zelf verplicht een QuickScan te doen voorafgaand aan het evenement. Een week voor het evenement plaatsvindt volgt in Amsterdam nog een voorschouw; omdat natuur veranderlijk is moet er soms last minute nog een route worden verlegd of een podium worden verplaatst.Verder stelt de gemeente Amsterdam strenge regels, zo is de organisator verantwoordelijk voor het opruimen en ligt een park er altijd tiptop bij na een evenement.

Een quickscan, en dan?

Amsterdam heeft het evenementenbeleid goed voor elkaar, maar voor kleinere gemeentes, zonder eigen ecoloog in dienst of met veel potentiële en minder ‘afgebakende’ locaties, ligt het natuurlijk minder eenvoudig. Idealiter moet er door de organisator altijd een ecologische quickscan worden uitgevoerd, een eerste zaak waar je als gemeente scherp op zou moeten zijn. Maar vervolgens moet deze beoordeeld en geïnterpreteerd worden. Wanneer uit de quickscan blijkt dat er negatieve effecten optreden, moeten er aanpassingen aan het plan worden gedaan om deze te voorkomen. En als dat echt niet mogelijk blijkt kan een evenement soms simpelweg niet doorgaan.

Omdat er geen wettelijke belangen in het spel zijn, is het niet mogelijk om een ontheffing te krijgen, vertelt Betsy Schoorl van de RUD NHN, het bevoegd gezag van de provincie Noord-Holland met betrekking tot de natuurwetgeving. Hoe doe beoordeel je zo’n quickscan? Hoe definieer je bijvoorbeeld verstoring? Hoe beschrijf je effecten? En vooral: waar leg je de grenzen tussen wat nog net wel en niet meer kan? Daarbij neemt het aantal aanvragen toe, er komen steeds nieuwe typen evenementen toe, en met de veranderende natuurwetgeving is het soms zoeken naar de juiste interpretatie én naar waar de verantwoordelijkheden liggen. Veel gemeenten hebben het gevoel dat ze ieder voor zich het wiel moeten uitvinden.


Benut kennis van uitvoeringsdiensten en terreinbeheerders!

Is het bijvoorbeeld nodig om daarbij als gemeente een eigen ecologisch adviesbureau in te schakelen? - tijdens het symposium zijn de meningen hierover verdeeld; een ecologisch bureau heeft weliswaar de kennis maar zo wordt het wel een erg complexe exercitie. De gemeente moet uiteindelijk de vergunning al dan niet verlenen.

Externe kennis is soms nodig, maar benut vooral ook de kennis en expertise van de provinciale uitvoeringsdiensten, is een belangrijke boodschap van Schoorl. Deze hebben namelijk wél veel kennis van de locatie. De RUD NHN vervult graag die rol voor Noord-Hollandse gemeenten, benadrukt ze. Maar ook gemeenten buiten Noord-Holland zouden terecht moeten kunnen bij hun eigen provincie. Daarbij zouden ook de terreinbeheerders goed kunnen adviseren.

Is het bijvoorbeeld nodig om daarbij als gemeente een eigen ecologisch adviesbureau in te schakelen? - tijdens het symposium zijn de meningen hierover verdeeld; een ecologisch bureau heeft weliswaar de kennis maar zo wordt het wel een erg complexe exercitie. De gemeente moet uiteindelijk de vergunning al dan niet verlenen.

Externe kennis is soms nodig, maar benut vooral ook de kennis en expertise van de provinciale uitvoeringsdiensten, is een belangrijke boodschap van Schoorl. Deze hebben namelijk wél veel kennis van de locatie. De RUD NHN vervult graag die rol voor Noord-Hollandse gemeenten, benadrukt ze. Maar ook gemeenten buiten Noord-Holland zouden terecht moeten kunnen bij hun eigen provincie. Daarbij zouden ook de terreinbeheerders goed kunnen adviseren.

Behoefte aan kennis en uitwisseling?
Laat het ons weten!

Ook de behoefte aan uitwisseling van kennis en ervaring tussen gemeenten onderling lijkt groot. Tijdens het symposium zoeken mensen elkaar actief op, praten lang na. Heeft u, maar aalleiding van dit artikel of het minisymposium praktijkvragen, voorbeelden of iets anders waar u meer over wilt lezen of met anderen over wilt uitwisselen? Laat het ons weten! Als Platform Natuur in de Gemeente denken we graag mee hoe we deze uitwisseling kunnen faciliteren.

E. info@natuurindegemeente.nl

Tip: De provincie Overijssel organiseert op 19 juni een Informatiemarkt Soortenbescherming,

over het omgaan met beschermde plant- en diersoorten bij de organisatie van evenementen.
Lees meer >>