En als bewoners het beheer zelf willen doen?

Burgerparticipatie. Het lijkt in de overheidswereld het toverwoord bij veel projecten. Maar als ambtenaar voel je misschien schroom om er echt aan te beginnen. Want wat nu als de initiatiefnemers iets willen dat totaal niet past bij het beleid van je gemeente? Hoe zit het met aansprakelijkheid? En kost participatie niet gruwelijk veel tijd? We namen een kijkje in de keuken van twee groene initiatieven die beide door burgers van de grond kwamen.

EN ALS BEWONERS HET BEHEER ZELF WILLEN DOEN?

Burgerparticipatie. Het lijkt in de overheidswereld het toverwoord bij veel projecten. Maar als ambtenaar voel je misschien schroom om er echt aan te beginnen. Want wat nu als de initiatiefnemers iets willen dat totaal niet past bij het beleid van je gemeente? Hoe zit het met aansprakelijkheid? En kost participatie niet gruwelijk veel tijd? We namen een kijkje in de keuken van twee groene initiatieven die beide door burgers van de grond kwamen.

Park West in Nijmegen

Het rigoureuze snoei- en maaibeleid in Park West in Nijmegen was Werkgroep Groen Hees al langer een doorn in het oog. “Het was puur parkplantsoen: efficiënt beheerd en decoratief van aard. Van natuur was geen sprake, terwijl dat zoveel meerwaarde heeft voor de biodiversiteit én de beleving van het park,” aldus Ab Verheul, voorzitter van Werkgroep Groen Hees. Daarom stapten ze naar gemeente Nijmegen met de vraag of het meer ecologisch kon.

Van plan tot uitvoering

Werkgroep Groen Hees was bij gemeente Nijmegen geen onbekende. Deze groep vrijwilligers zet zich doorlopend in voor groene projecten in haar omgeving en functioneerde in die rol wel vaker als de spreekwoordelijke luis in de pels. “Die contacten waren incidenteel. Maar nu was het plan om structureel samen te werken,” aldus Ton Verhoeven, beleidsmedewerker Water en Groen. “Kom maar met een voorstel, zeiden we. Dan kijken we wat er mogelijk is.”

Dat liet de werkgroep zich geen twee keer zeggen. Samen met het IVN verdeelden ze Park West in acht zones die ze uitgebreid inventariseerden. Het resulteerde in een visie met een kraakhelder doel: meer verruiging, meer biodiversiteit en meer beleving in het Park. “Natuurlijk zijn er maatregelen uit het plan gesneuveld, maar je moet ook wat te wensen overhouden”, lacht Ab. Afgelopen najaar hebben ze maar liefst 1489 struiken en heesters en 18 bomen geplant, zijn er takkenrillen aangelegd en nestkasten opgehangen. De taakverdeling liep soepel: de werkgroep bekommerde zich om de struiken en heesters, de gemeente ging aan de slag met de bomen.

“Door deze aanplant staat er vanaf januari tot en met oktober altijd wel iets in bloei,” vertelt Ab. “Dat is niet alleen mooi om te zien, maar vergroot ook het voedselaanbod voor insecten, vogels en andere dieren. En dat is belangrijk. Ons ecosysteem staat onder druk, de stad ontkomt er niet aan dat zij ook een bijdrage moet leveren aan het herstel en behoud van natuurwaarden.” Ton beaamt dit. “Een speerpunt van gemeente Nijmegen is om groen, gezond en in beweging te zijn. Daar hoort ook ecologisch groenbeheer bij gericht op meer biodiversiteit.”

Vlotte samenwerking

De samenwerking tussen de werkgroep en de gemeente verliep vlot. Tussen idee en uitvoering zit amper een jaar. “Dat lijkt misschien veel, maar participatieprojecten hebben een langere doorlooptijd. Bewoners moeten zich organiseren en hebben naast het initiatief ook andere verplichtingen. Ook intern vraagt het veel afstemming,” legt Ton uit. “Maar tijd is niet het belangrijkste. Met participatie werk je aan een project dat draagvlak heeft. En daar doe je het voor.

De werkgroep en gemeente gaan nu de beheerfase in. Het is de bedoeling dat Werkgroep Groen Hees het park grotendeels zelf gaat onderhouden. “Wij richten ons op het reguliere onderhoud zoals de poelen en de bomen, de werkgroep gaat aan de slag met alles daarbuiten,” legt Ton uit. Natuurlijk gaat er in de samenwerking ook wel eens wat mis. Zo is er pas door een aannemer verkeerd gemaaid. “Dan kunnen we best kribbig naar elkaar reageren, maar dit komt allemaal voort uit betrokkenheid. Zolang je met elkaar in gesprek blijft, is het goed.”

Participatiekaart

Gemeente Nijmegen doet veel aan participatie. Zo kunnen inwoners hun initiatief aanmelden bij mijnwijkplan.nl. De buurt kan met likes en handtekeningen aangeven welk initiatief ze een warm hart toe dragen. Iedere wijk heeft ook een gebiedsregisseur met een eigen budget om met de meest favoriete initiatieven aan de slag te gaan.

Op www.participatiekaart.nl is een overzicht van alle aangemelde participatieprojecten in Nederland te zien. In gemeente Nijmegen zijn inmiddels 300 projecten geregistreerd.

HO12:

inkomsten terug naar lokale gemeenschap

In Nijmegen was biodiversiteit de drive om naar de gemeente te stappen. Maar niet alle groene participatieprojecten starten vanuit die gedachte. Soms is de drijfveer bijvoorbeeld de lokale economie. Het initiatief in gemeente Tubbergen is hiervan het levende bewijs. Daar maaien lokale boeren sinds anderhalf jaar een groot deel van de bermen. Werk dat normaal gesproken aan externe bedrijven wordt uitbesteed. De inhoud van het werk is dus niet veranderd, alleen de mensen die het werk uitvoeren.

Werkgroep HOI2 in overleg over bermbeheer. Bron: Gemeente Tubbergen

Coöperatie HOI2 uit Vasse is de motivator van deze switch. Zij wil de economie op het platteland stimuleren en zoeken naar mogelijkheden om het geld in de lokale gemeenschap te houden. Rik Hoogenberg, lid van de coöperatie, zag een kans bij de boeren. “Zij zijn kwetsbaar. Zeker hier, omdat ze aan het Natura 2000-gebied Springendal grenzen en er dus geen ruimte is om uit te breiden. Zij moeten dus op zoek naar andere verdienmodellen. Het beheren van de bermen is zo’n extra inkomstenbron.” Daarom daagde HOI2 de gemeente via een Right to Challenge uit om het bermbeheer via HOI2 aan de boeren uit te besteden.

Lange adem

Een nobel streven die op het eerste gezicht makkelijk te realiseren leek. Het was immers een kwestie van een samenwerkingscontract opstellen en klaar. Maar de praktijk bleek weerbarstiger. “Iedereen is van goede wil, maar het gaat heel langzaam. Voor de boeren is dit compleet iets nieuws en dat maakt ze terughoudend. En bij de gemeente gelden er allerlei aanbestedingsregels die voor een aannemer logisch zijn, maar voor een coöperatie niet,” aldus Rik.

Dit beaamt ook Jan Busscher, beleidsmedewerker Openbare Ruimte van gemeente Tubbergen. “Het is een traject van de lange adem. Zo heb je te maken met aansprakelijkheid. Een aannemer is verzekerd voor dit werk, maar een boer dus niet. Bovendien zijn opdrachtnemers verplicht een deel van het werk uit te besteden aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ook dat moest de coöperatie kunnen garanderen.”

Er kwam dus veel meer bij kijken dan in eerste instantie werd gedacht en dat kost tijd. “En dat gaat weer ten koste van de motivatie bij de boeren. Een aantal zijn helaas voortijdig afgehaakt,” aldus Rik. Toch zijn beide heren positief over de samenwerking. “Het contract is er gekomen en inmiddels maaien drie boeren alweer twee jaar naar volle tevredenheid de bermen in het voor- en najaar. Het geld blijft dus in de gemeenschap.”

Er ligt nog het een en ander in het vat voor de toekomst. “En dat moet ook, wil dit model echt rendabel worden,” aldus Rik. Zo zijn er intenties om het maaigebied voor de boeren uit te breiden en te kijken naar andere taken die ze kunnen overnemen, zoals natuurlijke begrazing op de weilanden van het Natura 2000-gebied. “Toch zijn ook dat weer spannende dingen die soms leiden tot discussie. De gemeente wil bijvoorbeeld toewerken naar een duurzamer maaibeleid gericht op meer biodiversiteit. Dat is niet altijd in het voordeel van de boer. Dus dat moet je samen uitventen.”

Op weg naar geslaagde participatie

Kansen voor verbetering zien Rik en Jan allebei. “Het verschil in tempo tussen de partijen is enorm. Wij willen vooruit, maar overheidsprocessen verlopen vaak stroperig. Het zou fijn zijn als er minder naar procedures wordt gekeken en meer naar de oplossing.” Jan vult aan: “verwachtingen scheppen is belangrijk. Een gemeente kan niet altijd versnellen, maar het is belangrijk om dat van te voren goed uit te spreken. Zo voorkom je teleurstellingen.” In gesprek blijven is ook het devies van Ab en Ton. “Als een burger met een idee komt, beschouw het dan niet als kritiek. Sta er voor open, vraag door en luister goed. Dan ontdek je vanzelf de zorgen die er eigenlijk achter verscholen zitten,” zegt Ab. “Wees ook niet te bang voor de ideeën die op je afkomen,” vult Ton aan. “Burgers zijn deskundig en je komt er altijd uit, is mijn ervaring. Bovendien krijg je er draagvlak en betrokkenheid voor terug en dat is onbetaalbaar.”

Right to Challenge

Het Right to Challenge (RtC) staat voor ‘het Recht om Uit te dagen’. Het idee is dat een groep (georganiseerde) bewoners taken van een gemeente overneemt, omdat ze denken dat ze het anders, beter, slimmer en/of goedkoper kunnen doen. De relatie tussen overheid en inwoners verandert hiermee in een relatie van opdrachtgever en opdrachtnemer. Het RtC wordt steeds meer toegepast bij gemeenten.

Participatietips

  • Sta open voor de ideeën. Vraag goed door om de wens helder te krijgen.
  • Maak duidelijke afspraken, maar durf wel de controle uit handen te geven.
  • Ga voor één aanspreekpunt. Zo blijft het proces overzichtelijk.
  • Schept duidelijke verwachtingen naar elkaar. Zo voorkom je teleurstellingen.
  • Stel je er op in dat een project langer duurt, maar dat je hier veel draagvlak en betrokkenheid voor terug krijgt.