DE BOOMVALK
een graag geziene inwoner in Den Haag

Een kleine, snelle dondersteen met een zwarte kopkap, witte wangen en een roodbruine ‘broek’. De boomvalk is door zijn typische verenkleed een markante verschijning waar vogelaars graag op afkomen. Ook gemeenten zien de boomvalk graag binnen hun gemeentegrenzen verschijnen, want zijn aanwezigheid geeft aan dat de ecologische kwaliteit van zijn omgeving in orde is. “Hij is bijvoorbeeld gek op libellen en insecten. En wanneer hij zijn jongen grootbrengt, vangt hij zwaluwen en vleermuizen. Kortom: als de boomvalk er is, zijn deze dieren er ook,” aldus ecoloog Adri Clements van Regelink Ecologie en Landschap.

DE BOOMVALK:
een graag geziene inwoner in

Den Haag

Een kleine, snelle dondersteen met een zwarte kopkap, witte wangen en een roodbruine ‘broek’. De boomvalk is door zijn typische verenkleed een markante verschijning waar vogelaars graag op afkomen. Ook gemeenten zien de boomvalk graag binnen hun gemeentegrenzen verschijnen, want zijn aanwezigheid geeft aan dat de ecologische kwaliteit van zijn omgeving in orde is. “Hij is bijvoorbeeld gek op libellen en insecten. En wanneer hij zijn jongen grootbrengt, vangt hij zwaluwen en vleermuizen. Kortom: als de boomvalk er is, zijn deze dieren er ook,” aldus ecoloog Adri Clements van Regelink Ecologie en Landschap.

Veiligheid mét behoud van de boomvalk

De gemeente Den Haag vroeg Adri Clements onderzoek te doen naar deze prachtige roofvogel. De gemeente staat namelijk voor de opgave om ruim 2.500 van de 6.000 gemeentelijke populieren te kappen. Na de Tweede Wereldoorlog waren veel bomen weggevaagd. De populier groeit snel en werd daarom massaal aangeplant om de wereld weer een beetje kleur te geven.

“Het nadeel van de populier is echter dat hij snel verouderd. Na ongeveer zeventig jaar neemt de kans op een spontane takbreuk enorm toe. Voor de veiligheid moeten deze bomen dus wijken, maar we willen de boomvalk niet verjagen. Onderzoek helpt ons om dit te voorkomen,” legt Martin van Hoorn, stadsecoloog van gemeente Den Haag, uit.

Betere bescherming door gedegen onderzoek

In het begin is het vooral veel rondlopen en rondfietsen om te ontdekken waar de boomvalken zich nestelen. “Zodra we weten waar ze zitten, monitoren we de broedlocaties. Dan springen we ’s ochtends of ’s avonds op de fiets om even bij het nest te kijken hoe de vlag er bij hangt. Dat doe ik niet alleen, maar samen met een aantal fanatieke lokale roofvogelaars,” vertelt Clements.

Het doel van al deze inspanningen is om zoveel mogelijk te weten te komen over het leefgebied van de boomvalk: is hij honkvast? Welke eisen stelt hij aan zijn broedplaats? Waar jaagt de boomvalk het liefst? “Overheden en terreinbeheerders kunnen met al deze inzichten beter rekening houden met de boomvalk bij ruimtelijke ingrepen.”

Alles hangt met alles samen

Het onderzoek in gemeente Den Haag loopt inmiddels vier jaar en heeft al veel interessante kennis opgeleverd. “Boomvalken zitten het liefst in de hoogste boom in de overgangen tussen bebouwd en open gebied. Dit hoeven dus niet altijd populieren te zijn. Ze bouwen zelf geen nesten, maar gebruiken een verlaten kraaiennest. Als je dus teveel kraaien afschiet, blijven er te weinig nesten over.

Boomvalken kiezen ook elk jaar een andere nestplaats, dus het heeft weinig zin om alleen de boom te behouden waar hij nu broedt,” legt Clements uit. “Verder testen we kunstnesten om te kijken welk type nest ze het meest aanspreekt,” gaat Van Hoorn verder. “We hebben er tien opgehangen en ze variëren bijvoorbeeld in materiaal en diepte. Het zou heel mooi zijn als we de boomvalk met een geschikt kunstnest uit de populier kunnen lokken.”

ADVIES 1:
heb een lange adem

Met alleen weten waar de nesten zitten, ben je er dus niet. “Veel dingen hangen met elkaar samen. Hoe meer je weet, hoe beter je die verbanden doorziet en des meer kun je er rekening mee houden,” concludeert Clements. Dit beaamt ook Van Hoorn. “Pak het als gemeente grootschalig aan. Beperk je niet tot een onderzoek naar één boom, maar kijk verder dan je neus lang is. En durf het aan om een onderzoek meerdere jaren te laten duren.” Het onderzoek in gemeente Den Haag is voorlopig nog niet ten einde. “We zijn nog niet klaar met het kappen van populieren. En bij iedere populier bekijken we opnieuw of er een boomvalk in zit.”

ADVIES 2:
betrek de omgeving

Buurtbewoners staan positief tegenover het boomvalkenonderzoek. “Je ziet dat mensen je op een gegeven moment herkennen. Logisch ook wel, als je bedenkt dat we steeds door de wijk heen fietsen of lopen,” lacht Clements. “We hebben één keer gehad dat een boomvalk in een populier zat die gekapt moest worden. We bespreken dan met de buurt hoe we hier mee omgaan,” legt Van Hoorn uit. “Als kappen er dit jaar niet inzit, omdat de boomvalk er broedt, kunnen we bijvoorbeeld met maatregelen ervoor zorgen dat de boom nog een paar jaar op een veilige manier meekan. Dat geeft ons de tijd om de boomvalk te verleiden de volgende keer ergens anders te broeden. We merken dat er begrip is voor deze aanpak. En dat maakt zo’n onderzoek nog waardevoller.”

Jonge boomvalk

Prooioverdracht. Fotos: Adri Clements