Utrecht heeft eigen soortenlijst

"INKOPPER VOOR STADSNATUUR"

Bij de overgang van de Flora- en faunawet (Ffw) naar de Wet natuurbescherming (Wnb) hebben meerdere soorten die onder de Ffw beschermd waren die status verloren. Terwijl de gemeente jarenlang geïnvesteerd heeft in het beschermen en stimuleren van een aantal van die soorten. Voor de gemeente Utrecht was het reden om een eigen soortenlijst op te stellen, waar deze voor Utrecht kenmerkende soorten wel een plek op kregen. Eigenlijk een inkopper, vindt Stadsecoloog Gitty Korzuize, gewoon doorgaan met wat je doet. We stelden haar een paar vragen over de Utrechtse lijst.

Utrecht heeft eigen soortenlijst:
"INKOPPER VOOR STADSNATUUR"

Bij de overgang van de Flora- en faunawet (Ffw) naar de Wet natuurbescherming (Wnb) hebben meerdere soorten die onder de Ffw beschermd waren die status verloren. Terwijl de gemeente jarenlang geïnvesteerd heeft in het beschermen en stimuleren van een aantal van die soorten. Voor de gemeente Utrecht was het reden om een eigen soortenlijst op te stellen, waar deze voor Utrecht kenmerkende soorten wel een plek op kregen. Eigenlijk een inkopper, vindt Stadsecoloog Gitty Korzuize, gewoon doorgaan met wat je doet. We stelden haar een paar vragen over de Utrechtse lijst.

Waarom een aanvullende soortenlijst?

“Op onze soortenlijst staan karakteristieke soorten waar we als gemeente, samen met vrijwilligers, jarenlang actief rekening mee hebben gehouden en in hebben geïnvesteerd: een aantal bijzondere muurvarens, orchideeën, kikkers en padden en een aantal vissoorten. Utrecht heeft bijvoorbeeld nogal wat kade- en werfmuren waarop muurvarens zoals de tongvaren en steenbreekvaren gedijen. Ook langs nieuwe grachten zijn nieuwe groeiplaatsen voor muurvarens ontwikkeld. Het is kapitaalvernietiging om daar opeens mee te stoppen.

Bovendien kost het niets extra’s om op dezelfde voet door te gaan: geen extra beheergeld, geen extra uitleg van processen. Alles is al uitgewerkt, de collega’s zijn meegenomen, de werkwijze is bekend. Ook de uitvoerende partijen waarmee de gemeente samenwerkt, Rijkswaterstaat en een aantal projectontwikkelaars, zijn aan deze manier van werken gewend. Het kost geen moeite, maar zorgt er wel voor dat deze soorten beter beschermd zijn tegen bijvoorbeeld wijzigingen in het groenbeheer of ruimtelijke ontwikkelingen.”

Hoe kun je zulk aanvullend beleid juridisch borgen?

“Het is intern beleid dat we onszelf opleggen. Het reikt daarmee niet verder dan onze eigen gemeentelijke projecten - we kunnen niets opleggen aan externe partijen, hooguit stimuleren of overtuigen. Samen met VNG zijn we nu aan het uitzoeken of de nieuwe Omgevingswet mogelijkheden biedt om dit soort aanvullend gemeentelijk beleid te borgen – en net als in de Ffw wel aan externe partijen te kunnen opleggen.

Aan de ene kant past het bij de decentraliserings-gedachte van de Omgevingswet dat lokale overheden meer hun eigen stempel drukken op het natuurbeleid. Aan de andere kant: als de soortenbescherming al uitputtend is geregeld in de Omgevingswet zal er geen ruimte zijn voor extra soorten. Dat is een spanningsveld. Een ander punt is: biedt de Omgevingswet aanknopingspunten om pro-actief bepaalde soorten te stimuleren? Dat is nu een zoektocht, en we hebben nog geen flauw idee hoeveel ruimte er in de Omgevingswet zit.”

Heb je aanbevelingen voor andere gemeenten?

“Ik zie het eerlijk gezegd als een inkopper: blijven doen wat je deed, zonder extra moeite. Het verbaast me dat er maar zo weinig gemeentes een eigen aanvullende lijst hebben opgesteld. Het momentum, de overgang van Ffw naar Wnb, lijkt al geweest. Aan de andere kant wordt het beheer nog volgens de oude gedragscode Bestendig Beheer. De actualisering van deze gedragscode in maart 2020 is een nieuwe mijlpaal: het is nú het moment om aan de bel te trekken bij het bestuur: mensen, het is zonde om dit te laten liggen.

Je bent twintig jaar lang heel zuinig geweest op orchideeën, en opeens worden ze niet meer beschermd. Kun je ze als gemeente dan opeens zomaar afmaaien? Heel Nederland heeft de mond vol over biodiversiteitsverlies. Het is dan toch wel het minste en het makkelijkste om zuinig te zijn op wat je al hebt?”


Meer weten?

utrecht.nl/groenbeleid

De Utrechtse soortenlijst bevat 64 soorten: 5 vogelsoorten, 3 vissoorten, 6 soorten wilde bijen, 40 plantensoorten en 10 paddenstoelensoorten. Deze soorten voldoen aan 1 (of meer) van onderstaande criteria:


  1. De soort was voorheen beschermd onder de flora- en faunawet en heeft natuurlijk leefgebied in Utrecht (dus niet uitgezaaid, aangeplant of uitgezet);
  2. De gemeente Utrecht heeft in de afgelopen jaren veel inspanning gepleegd om de soort te beschermen en te bevorderen;
  3. De soort is aangedragen door natuur- en milieugroepen en is van nationaal belang. In deze categorie van ‘nieuwkomers’ vallen bijvoorbeeld een aantal zeldzame paddenstoelensoorten.

Varens in straatput

Tongvaren-zaailing. Foto's: Kitty Korsuize