Verder komen met natuurinclusief in alle sectoren

Wat is er nodig om natuur wezenlijk onderdeel van een sector te maken? Hieronder de oogst uit zes deelsessies over deze vraag – in hoofdlijnen.

(Scroll naar beneden of gebruik de knoppen om direct naar een sector te gaan)

Bouwsector

De komende jaren is er een miljoen nieuwe woningen nodig én moeten bestaande woningen verduur-zaamd worden. Wat moet er vanuit deze opgaven op de Agenda Natuurinclusief terecht komen? 1. Een betere status voor groen

Ondanks de vele goede voorbeelden van natuurinclusief bouwen, is er over het algemeen te weinig aandacht voor groen bij gemeentes, projectontwikkelaars en ontwerpers. Tijdens het proces van ge-bieds- en wijkontwikkeling komt het groen vaak pas als laatste aan de orde. Er zou een integrale aanpak moeten komen, waarbij natuur en groen van begin af aan onderdeel zijn van de planontwikkeling. Dit vraagt om een mentaliteitsverandering bij bouwers, maar ook bij bewoners. 2. Het begint bij goed groenbeleid

Natuurinclusief bouwen begint bij groenbeleid. Het is zaak dat gemeentes de ecologie in hun bebou-wende gebied hun goed in kaart brengen. De adviezen van de stadsecoloog moet opgenomen worden in het beleid. Er is ook behoefte aan een kennistransferpunt voor stadsecologie, met speciale aandacht voor inheemse beplanting die geschikt is voor verschillende locaties en bestand is tegen klimaatinvloeden. 3. Bestaand groen is goud (geld) waard!

Bij verduurzaming van bestaande woningen worden vaak tijdelijk ontheffingen verleend in het kader van de Wet natuurbescherming. Dit leidt tot een fors verlies aan verblijfsplaatsen van vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen. Het zou helpen om de aanwezige natuurwaarden uit te drukken in financiële waarde en op te nemen in de balans van de gemeente.

Sector energie

De energietransitie vraagt veel ruimte; ruimte voor windmolens en zonnepanelen, maar ook voor de opslag en distributie van energie. Hoe is dat energielandschap natuurinclusief te maken? 1. Meer aandacht voor de locatiekeuzes Het voornaamste punt om rekening mee te houden is de locatiekeuze voor zonnevelden en windturbines. De Regionale Energiestrategie moeten hier meer aandacht aan geven. De Zonneladder is een goede richtlijn: plaats eerst zonnepanelen op daken, dan bij infrastructuur en dan pas in groen gebied. Zo blijft er meer ruimte over voor natuur. 2. Vereis vergroening – en combineer functies Van industrieterreinen, datacentra en logistieke bedrijven zou geëist moeten worden dat ze hun daken vergroenen, zonnepanelen plaatsen en waterbeheer toepassen. Omdat de ruimte in Nederland beperkt is, moet op gebiedsniveau gekeken worden hoe verschillende opgaven gecombineerd kunnen worden. Je zou bijvoorbeeld windmolens en zonnepanelen kunnen concentreren in één park. 3. Doelen voor natuur bij ontwikkelingen De overheid moet concrete natuurdoelen stellen voor de inrichting van wind- en zonneparken. Een vrijblijvende procesbenadering zoals ‘faciliteer natuur’ werkt niet. De energiesector heeft zelf de Gedragscode Zon op Land opgesteld, waarin staat dat minimaal 25% van het terrein open moet blijven. Daarnaast is het belangrijk om per gebied de natuurwaarden te inventariseren. Agenda Natuurinclusief kan hieraan bijdragen door goede voorbeelden te laten zien, wederzijdse belangen te benoemen en zo koudwatervrees weg te nemen.

Financiële sector

Hoewel de waarde van natuur onbetaalbaar is, blijft er geld toch altijd nodig om een natuurinclusieve samenleving te realiseren. Welke rol kan de financiële wereld hierin spelen? 1. Breng risico’s in kaart – ‘de prijs van vooruitgang’ Op dit moment worden zaken als biodiversiteitsverlies en schade aan het milieu niet meegerekend in de prijs van producten en diensten. Toch vergroot biodiversiteitsverlies op de lange termijn de risico’s van investeringen. Als de grond van een agrarisch bedrijf bijvoorbeeld uitgeput raakt, vermindert de opbrengst. Daarom moeten de risico’s van biodiversiteitsverlies op de economie goed in kaart gebracht worden. Daarmee kan een werkelijke prijs bepaald worden. 2. Overheid als risicodrager Het is voor beleggers en investeerders lastig om iets te kapitaliseren wat van iedereen is. Daarom moet de overheid hierin een rol spelen. In plaats van subsidies verlenen, zou de overheid risicodragend moeten zijn. Dat gebeurt nu bijvoorbeeld al in de vorm van Green Bonds en het Nationaal Groenfonds. Het natuurpuntensysteem kwantificeert al bepaalde ecosysteemdiensten, maar kwalitatieve effecten blijven lastig te berekenen. Je zou ook zaken als gezondheidswinst in geld moeten uitdrukken. 3. Onderzoek en monitor om omslag in denken te versnellen Natuurwaarden zijn niet alleen in geld uit te drukken. Voor een echte waardering van de natuur is een mentaliteitsverandering nodig. De Agenda Natuurinclusief kan een daarin een rol spelen, maar dat is niet genoeg. Om ervoor te zorgen dat de vervuiler betaald, is meer onderzoek en monitoring nodig. Voor veel boeren zal een overbruggingskrediet beschikbaar moeten komen.

Sector infrastructuur

Onze spoor-, auto- en waterwegen brengen niet alleen mensen en goederen van A naar B. Ook voor de natuur zijn het belangrijke verbindingen. Daarom moeten de doelen voor het bermbeheer veranderen van esthetische groen naar ecologisch groen. 1. Meer aandacht voor natuur in beheer Bij zowel Prorail als Rijkswaterstaat is er steeds meer aandacht voor biodiversiteit bij nieuwe pro-jecten. Voor het beheer geldt dit helaas nog niet. Dat heeft met kosten te maken, maar vooral met het sturen op risico’s. Veranderingen worden gemeden. Binnen de aanbestedingen geeft ‘natuurinclusief’ nu een plusje, terwijl het een deel van de opgave zou moeten zijn. Met de juiste kennis hoeft natuurinclusief beheer helemaal niet duurder te zijn. 2. Vergroten van kennis en aandacht voor zorgplicht De Agenda Natuurinclusief kan helpen om de benodigde kennis beschikbaar te maken. Er is behoefte aan een kennisbank van verschillende natuurinclusieve maatregelen, hun ecologische en sociale winst en inspirerende voorbeelden. Ook zou er inzichtelijk gemaakt moeten worden welke subsidies nu nog averechts werken. Daarnaast moet er aandacht komen voor de wettelijke zorgplicht. Vanuit de overheid is er momenteel geen handhaving op deze zorgplicht. 3. Aansprekende visie uitdragen Bij veel mensen ontbreekt de intrinsieke motivatie om natuurinclusief te werk te gaan. De Agenda Natuurinclusief moet een gezamenlijke visie uitdragen, waarin het belang van natuur en biodiversiteit overtuigend wordt uitgedragen. We moeten verder kijken dan de zorgplicht voor beschermde soorten. Agenda Natuurinclusief kan er aan bijdragen dat biodiversiteit binnen Rijkswaterstaat en Prorail als een doel wordt omarmd.

Sector landbouw

De intensivering van de landbouw heeft ervoor gezorgd dat er veel en goedkoop voedsel in de supermarkten ligt. De prijs die we daarvoor betalen is een forse achteruitgang van de biodiversiteit. Met natuurinclusieve landbouw valt er een wereld te winnen. 1. Bodem, water en landschapselementen Een gezonde bodem vormt de basis voor gezonde natuur, maar ook voor gezonde landbouw. Een gezond watersysteem is daar onlosmakelijk mee verbonden. Daarom zou water de leidraad moeten zijn van de Agenda Natuurinclusief. Daarnaast bestaat boerennatuur ook uit ‘franje’, de slootkanten, akkerranden en landschapselementen. Hierbij zou gestreefd moeten worden naar een maximale biodiversiteit, en niet naar een minimale basis. 2. Verdienmodel De meeste boeren willen wel natuurinclusief te werk gaan, maar kunnen het zich niet veroorloven. Net als vroeger, moet natuur een bijproduct zijn van het agrarische bedrijf. Natuur en milieuwaarden zouden in geld uitgedrukt moeten worden. Een voorbeeld daarvan is leasing voor CO2 opslag. Om de landschapselementen te beheren zouden vrijwilligers uit de stad ingezet kunnen worden. 3. Toekomstvisie Onder boeren leeft vaak het gevoel dat er teveel regels worden opgelegd. Ook natuur wordt hen opgedrongen. Daarom is het van belang om samen met de boeren een toekomstvisie op te stellen, waarin een beroep wordt gedaan op het ondernemerschap. Samen met ecologen en juristen kan gezocht worden naar kansen. Experimenteerruimte is daarbij van groot belang, ook als het gaat om regelgeving. De wetgeving loopt nu nog achter.

Sector recreatie

Om heel Nederland mee te krijgen met de transitie naar natuurinclusief is recreatie essentieel. Daarmee bereik je immers een breed publiek. Recreatie in de natuur is de manier om betrokkenheid te vergroten. 1. Uitbreiding van groen dichtbij en vergroening Mensen recreëren het liefst in een groen uitloopgebied dichtbij huis, vaak agrarisch gebied. Uit-breiding van wandelpaden en de biodiversiteit maken het landelijke gebied aantrekkelijker. Zo ontlast je de bestaande natuurgebieden en bied je mensen de mogelijkheid om vlak bij huis te recreëren. Daarnaast moet de recreatiesector zelf vergroenen. Er wordt nu nog te weinig rekening gehouden met gevolgen van recreatie voor de natuur. De mentaliteit moet verschuiven van meer recreatie naar verantwoorde recreatie. 2. Een kader en het goede voorbeeld geven Er is behoefte aan kaders op het gebied van biodiversiteit voor de recreatiesector. Overheden kunnen zelf het goede voorbeeld geven door meer te doen aan natuur en biodiversiteit op hun terreinen. De Agenda Natuurinclusief moet ook zorgen voor organisatorische en financiële ondersteuning van vrijwilligers. En natuureducatie is belangrijk. Betrek naast commerciële partijen ook ecologen, bosbeheerders en kinderen bij besluitvorming over recreatie. 3. In kaart brengen wat nodig is Het komende jaar moet onderzocht worden wat recreatieondernemers nodig hebben en waar ze tegen aanlopen. Lagere overheden en beheerders moeten mee kunnen denken over kaderstelling. Recreatie verdient een prominente plek in de omgevingsvisies. Betrek lokale partijen en ondernemers bij het gesprek, maar ook andere denkers zoals kunstenaars. Tot slot mag de agrarische sector niet ontbreken aan de overlegtafel. Recreatie kan nieuw perspectief bieden voor deze sector in transitie.

Sector water

Of het nu gaat om klimaatadaptatie, kringlooplandbouw of herstel van de biodiversiteit, het watersysteem speelt altijd een sleutelrol. Voor een natuurinclusief waterbeheer is het verbinden van opgaven cruciaal. De Agenda Natuurinclusief kan voor die verbinding zorgen. 1. Verbinding op gebiedsniveau De droogte van de afgelopen jaren was een wake-up call. We moeten het water langer vasthouden in plaats van zo snel mogelijk afvoeren. Het zou mooi zijn als we klimaatbuffers-nieuwe-stijl kunnen realiseren als nature-based solution, waarmee we meer doelen dienen, zoals biodiversiteit, stikstof en CO2. Op dit moment wordt er nog gestuurd op afzonderlijke doelen, met aparte financiële instrumenten. Zet nou eens het gebied centraal. Wat zijn de opgaven en hoe lossen we die op? De Agenda Natuurinclusief is een goed instrument om het waterbeheer te verbinden met bodemdaling, stikstofaanpak en biodiversiteitsherstel. 2. Afstemming tussen partijen Wanneer verschillende opgaven gecombineerd worden, moet de afstemming tussen verschillende partijen beter. Allereerst moeten de beheerders worden meegenomen in de natuurdoelstellingen van de waterschappen. Daarvoor is het belangrijk dat bij aanbestedingen niet alleen de kosten, maar ook kwaliteitseisen meetellen. Daarnaast is de samenwerking met boeren essentieel. De belangen tussen natuur en landbouw staan nu vaak lijnrecht tegenover elkaar, terwijl een gezond watersysteem ook in het belang van de boeren is. Het zou helpen als de natuurdoelen worden vertaald in ecosysteemdiensten met een financiële vergoeding. Zo zouden boeren bijvoorbeeld gecompenseerd kunnen worden voor een hoger grondwaterpeil. Ook bij de waterschappen zou een financiële prikkel kunnen leiden tot kleinschalig, natuurvriendelijk beheer.